Orgaandonatie
Organen zoals nieren, lever, hart, longen, alvleesklier en dunne darm moeten zeer kort na overlijden beschikbaar zijn. Daarom is orgaandonatie alleen mogelijk onder specifieke omstandigheden in een ziekenhuis.
Wanneer orgaan- of weefseldonatie mogelijk is, neemt de arts het initiatief. Naasten hoeven het Donorregister niet zelf te raadplegen of een donatieprocedure aan te vragen. De arts controleert de geregistreerde keuze, bespreekt deze met de partner of familie en legt uit wat er daarna gebeurt.
Of donatie werkelijk mogelijk is, hangt af van de plaats en omstandigheden van het overlijden, de medische geschiktheid en de geregistreerde keuze. Deze pagina helpt u begrijpen wat u kunt verwachten en wat dit betekent voor het afscheid en de uitvaart.
Wanneer iemand naar verwachting binnen korte tijd zal overlijden of zojuist is overleden, beoordeelt de arts eerst de medische situatie. Alleen wanneer donatie mogelijk lijkt, wordt de geregistreerde keuze in het Donorregister opgevraagd.
De zorg voor de patiënt staat tot dat moment volledig los van een eventuele donatie. Eerst wordt vastgesteld dat verdere behandeling niet meer kan helpen en wordt het overlijden volgens de geldende medische regels vastgesteld. Daarna kan een donatieprocedure volgen.
U hoeft nu niet zelf te zoeken naar een donorcodicil of in te loggen. Alleen een bevoegde arts kan de registratie rond het overlijden officieel raadplegen. De arts of donatiecoördinator bespreekt de uitkomst met de naasten.
Overlijden in een ziekenhuis of op de intensive care
Orgaan- en weefseldonatie kunnen mogelijk zijn. De arts onderzoekt de medische mogelijkheden en raadpleegt zo nodig het Donorregister.
Overlijden thuis, in een hospice of zorginstelling
Orgaandonatie is dan niet mogelijk. Weefseldonatie kan afhankelijk van de omstandigheden en medische geschiktheid soms wel mogelijk zijn. De arts beoordeelt dit.
Onverwacht of niet-natuurlijk overlijden
De lijkschouw en eventueel onderzoek door de gemeentelijk lijkschouwer of politie gaan voor. De betrokken artsen bepalen of donatie mogelijk en toegestaan is.
De arts raadpleegt het Donorregister. Dat gebeurt alleen wanneer een patiënt binnen korte tijd zal overlijden of wanneer iemand is overleden en donatie mogelijk kan zijn. De keuze wordt daarna met de partner, familie of aangewezen persoon besproken.
Iedereen van 18 jaar en ouder die in een Nederlandse gemeente staat ingeschreven, staat in het Donorregister. Een persoon kan zelf een keuze hebben ingevuld of geregistreerd staan met ‘geen bezwaar tegen orgaandonatie’.
| Registratie | Wat betekent dit? | Wat gebeurt er na overlijden? |
|---|---|---|
| Ja, ik wil donor worden | De persoon heeft toestemming gegeven voor donatie van alle of bepaalde organen en weefsels. | De arts bespreekt de keuze met de naasten en onderzoekt of donatie medisch mogelijk is. |
| Nee, ik wil geen donor worden | De persoon heeft vastgelegd geen organen of weefsels te willen doneren. | Er vindt geen orgaan- of weefseldonatie plaats. |
| Mijn partner of familie beslist | De beslissing is overgelaten aan de partner of familie. | De arts vraagt de bevoegde naaste om een beslissing. |
| Een aangewezen persoon beslist | De overledene heeft een specifieke persoon aangewezen. | De arts probeert deze persoon te bereiken en bespreekt de beslissing. |
| Geen bezwaar tegen orgaandonatie | Er is na herhaalde uitnodiging geen eigen keuze ingevuld. | Donatie kan doorgaan, tenzij naasten overtuigend kunnen uitleggen dat dit echt niet de wens van de overledene was. |
Een registratie betekent niet automatisch dat donatie mogelijk is. Een arts onderzoekt na of rond het overlijden welke organen of weefsels medisch geschikt zijn. Leeftijd, ziekte of medicijngebruik sluiten donatie niet vooraf in alle gevallen uit.
De arts bespreekt de registratie altijd met de naasten. Het gesprek is bedoeld om de geregistreerde keuze toe te lichten, vragen te beantwoorden en medische informatie over de overledene te verzamelen.
Heeft de overledene uitdrukkelijk ‘ja’ of ‘nee’ geregistreerd, dan is dat de vastgelegde keuze. Familie kan deze niet zomaar vervangen door een eigen voorkeur.
Staat er ‘geen bezwaar tegen orgaandonatie’ en weten naasten zeker dat de overledene geen donor wilde zijn, dan kunnen zij dit aan de arts uitleggen. De arts beoordeelt de informatie volgens de geldende procedure.
Heeft de overledene gekozen dat de partner, familie of een specifiek aangewezen persoon beslist, dan krijgt deze persoon uitleg en tijd om een geïnformeerde beslissing te nemen.
De arts of donatiecoördinator kan vragen stellen over:
Deze vragen zijn bedoeld om de veiligheid en medische geschiktheid van de donatie te beoordelen.
Organen zoals nieren, lever, hart, longen, alvleesklier en dunne darm moeten zeer kort na overlijden beschikbaar zijn. Daarom is orgaandonatie alleen mogelijk onder specifieke omstandigheden in een ziekenhuis.
Weefsels, zoals oogweefsel, huid, bot, kraakbeen, pezen, hartkleppen en bloedvaten, blijven vaak langer bruikbaar. Daardoor kan weefseldonatie soms ook mogelijk zijn na overlijden thuis of in een zorginstelling.
Niet iedere geregistreerde donor kan daadwerkelijk doneren. Het medische team bepaalt pas rond het overlijden welke organen of weefsels geschikt en veilig zijn.
De exacte duur verschilt. Onderzoeken, medische omstandigheden en logistiek bepalen hoelang het proces duurt. Het ziekenhuis of de orgaandonatiecoördinator bespreekt de verwachte planning met de naasten.
Een donoroperatie wordt zorgvuldig uitgevoerd. Na de operatie wordt het lichaam verzorgd en teruggegeven aan de nabestaanden. Gewoon afscheid nemen, opbaren, aankleden en een begrafenis of crematie blijven mogelijk.
Bij bepaalde vormen van orgaandonatie kan het afscheid direct na het overlijden kort zijn, omdat de organen snel moeten worden uitgenomen. Na de operatie is er opnieuw gelegenheid om in alle rust afscheid te nemen.
Donatie kan invloed hebben op het tijdstip waarop de overledene wordt overgedragen aan de uitvaartondernemer. Het ziekenhuis houdt de naasten op de hoogte. De uitvaartondernemer kan de verdere planning daarop aanpassen.
In veel gevallen kan de uitvaart binnen de normale wettelijke termijn plaatsvinden. Maak definitieve afspraken over vervoer, opbaren en de uitvaart daarom in overleg met het ziekenhuis en de uitvaartondernemer.
Het uitnameteam sluit operatiewonden zorgvuldig. Gewone kleding kan worden gedragen en opbaren is doorgaans mogelijk. Bespreek bijzondere wensen of zorgen met de donatiecoördinator en de uitvaartondernemer.
Voor minderjarigen gelden aanvullende regels:
| Leeftijd | Wie beslist? | Belangrijk |
|---|---|---|
| Jonger dan 12 jaar | Ouders of voogd | Wanneer ouders met gezag het niet eens zijn, gaat de donatie niet door. |
| 12 tot 16 jaar | Het kind kan een keuze registreren, met een aanvullende rol voor ouders of voogd | Een geregistreerd ‘nee’ wordt gevolgd. Bij een geregistreerd ‘ja’ kunnen ouders of voogd de donatie onder voorwaarden tegenhouden. |
| 16 en 17 jaar | De geregistreerde keuze van de jongere is bepalend volgens de geldende regels | Vraag de arts om uitleg over de precieze procedure. |
| Vanaf 18 jaar | De volwassene staat zelf in het Donorregister | Wie geen eigen keuze invult, kan na de officiële procedure met ‘geen bezwaar’ worden geregistreerd. |
Bij het overlijden van een kind wordt het gezin door het medische team begeleid. Vraag de behandelend arts om uitleg die past bij de leeftijd, registratie en gezinssituatie.
Nee. Het Donorregister gaat over het doneren van organen en weefsels aan patiënten en eventueel transplantatiegericht onderzoek.
Het lichaam ter beschikking stellen aan de wetenschap is een afzonderlijke keuze. Die wordt rechtstreeks met een anatomisch instituut van een universiteit geregeld en staat niet in het Donorregister.
De twee procedures hebben andere voorwaarden en kunnen elkaar beïnvloeden. Controleer daarom altijd de actuele voorwaarden van het betreffende anatomisch instituut.
Na het gesprek met de arts weet u of donatie mogelijk is en welke planning wordt verwacht. Daarna kunt u de uitvaartondernemer informeren en afspraken maken over verzorging, opbaren en vervoer.
Nee. Alleen een bevoegde arts kan de registratie rond het overlijden officieel raadplegen. De arts bespreekt de gevonden keuze vervolgens met de partner, familie of aangewezen persoon.
De arts raadpleegt het register wanneer duidelijk is dat iemand binnen korte tijd zal overlijden of is overleden en donatie medisch mogelijk kan zijn.
Een uitdrukkelijk geregistreerde keuze voor ja of nee kan niet zomaar door familie worden vervangen. De arts bespreekt de registratie en eventuele bijzondere informatie met de naasten.
Dit betekent dat iemand na herhaalde uitnodiging geen eigen keuze heeft ingevuld en in het register staat als mogelijke donor. De arts bespreekt dit met de familie. Kunnen naasten overtuigend uitleggen dat de overledene echt geen donor wilde zijn, dan kan de donatie niet doorgaan.
Orgaandonatie is alleen mogelijk onder specifieke omstandigheden in een ziekenhuis. Na overlijden thuis kan weefseldonatie soms wel mogelijk zijn. De arts beoordeelt dat.
Organen moeten zeer kort na overlijden worden uitgenomen en vereisen specifieke ziekenhuisomstandigheden. Weefsels blijven meestal langer bruikbaar en kunnen soms ook na overlijden buiten het ziekenhuis worden gedoneerd.
Nee. De arts bepaalt pas rond het overlijden welke organen of weefsels medisch geschikt zijn. Gezondheid, omstandigheden van overlijden en logistiek spelen daarbij een rol.
Ja. Na de donoroperatie wordt het lichaam zorgvuldig verzorgd en teruggebracht naar de nabestaanden. Afscheid nemen en opbaren blijven mogelijk.
Het uitnameteam sluit de operatiewonden zorgvuldig. De overledene kan doorgaans worden aangekleed en opgebaard. Bespreek specifieke zorgen met de donatiecoördinator en uitvaartondernemer.
De procedure kan invloed hebben op het moment waarop het lichaam wordt overgedragen. De uitvaartondernemer kan de planning hier meestal op aanpassen. Vraag het ziekenhuis om een verwachte overdrachtstijd.
Nee. Het Donorregister gaat over orgaan- en weefseldonatie aan patiënten. Het lichaam ter beschikking stellen aan de wetenschap wordt afzonderlijk geregeld met een anatomisch instituut.
Dat kan in sommige gevallen. Leeftijd, ziekte of medicijngebruik sluiten donatie niet automatisch uit. De arts bepaalt per orgaan en weefsel of donatie medisch mogelijk is.
Deze pagina is opgesteld voor de Nederlandse situatie en gebaseerd op informatie van het Donorregister, Rijksoverheid en de Nederlandse Transplantatie Stichting.
Laatste inhoudelijke controle: 15 juli 2026.
Deze pagina geeft algemene informatie en geen individueel juridisch of medisch advies. De arts en het donatieteam bepalen wat in de betreffende situatie medisch en juridisch mogelijk is. Procedures kunnen afhankelijk van de omstandigheden verschillen. Vraag bij twijfel altijd uitleg aan de behandelend arts, de donatiecoördinator of het Donorregister.